Persoonlijk

Dat Twentse hemelbankje – voor papa –

Precies een week, zeven korte dagen.
Meer zat er niet tussen.

Vorige week zaterdag stond ik voor een groep mensen en sprak ik de laatste woorden uit voor mijn schoonvader.
Gisteren stond ik er weer.
Zelfde zwarte jurk, zelfde schoenen, zelfde brok in mijn keel.

Andere vader. Mijn vader…

Het is een rare gedachte dat je in één week tijd twee vaders kunt verliezen. Alsof iemand ergens heeft besloten dat we maar beter alles in één keer konden doen.

Twee keer een afscheidswoord schrijven.
Twee keer zoeken naar de juiste zinnen.
Twee keer proberen een heel mensenleven terug te brengen tot een paar velletjes papier.
En twee keer ontdekken dat dat natuurlijk niet kan.

Mijn vader werd 92.
Tweeënnegentig jaar is een prachtige leeftijd. En ergens maakt dat het makkelijker om te zeggen dat het goed is zo.
Maar makkelijker om afscheid te nemen? Dat is een utopie.

Mijn vader was een rijk man.
Niet in geld of spullen. Zijn rijkdom zat ergens anders.
In zijn aandacht. In zijn tomeloze liefde.
In het zorgen voor de mensen om hem heen.
In er gewoon zijn.
Dat was zijn grootste kracht.

De afgelopen dagen moest ik vaak denken aan die twee vaders van mij.
Twee mannen met ‘hun’ Twente diep in hun DNA. Mijn schoonvader omdat hij een Tukker was. Mijn vader omdat hij na de oorlog als bleekneusje een tijd in Twente verbleef en daar een stukje van zijn hart achterliet.

Ze konden het goed met elkaar vinden. Misschien juist omdat er niet voortdurend gesproken hoefde te worden. Mannen van die generatie kunnen prima naast elkaar zitten zonder dat iemand de stilte hoeft te vullen.
En als er wel gesproken werd, ging het al snel over vroeger.
Over Twente. Over mensen die ik niet kende.
Over plekken die allang veranderd waren.
En over gebeurtenissen die bij iedere vertelling iets mooier werden.

Oude koeien uit de sloot halen. Ze waren er behoorlijk goed in.

Daarom troost ik me met een beeld waar ik graag in geloof.
Ik zie ze samen op een bankje zitten. Kijkend naar ons.
En ondertussen halen ze de ene na de andere Twentse oude koe uit de sloot.
Waarna er een verhaal begint dat wij waarschijnlijk al twintig keer hebben gehoord.

Deze week is misschien wel de meest onwerkelijke week die ik meegemaakt heb. Maar hoe gek deze week ook voelt en hoe vreemd het is dat ik een week na mijn schoonvader ook van mijn eigen vader afscheid moest nemen, ergens voelt het ook rustig.

Mijn vader heeft zijn leven geleefd.
Een lang leven. Een rijk leven.
En ik weet dat het goed is zo.

Maar dat betekent niet dat ik hem niet ga missen.
Integendeel.
Ik ga hem verschrikkelijk missen.

Maar als ik straks aan hem denk, wil ik niet alleen denken aan die laatste dagen.
Ik wil dat bankje zien. Met die twee mannen en hun grote liefde voor Twente en voor ons.

Gewoon samen.

Een beetje proat’n, een beetje kiek’n.
En eindeloos die oude Twentse koeien uit de sloot halen.
En ik denk: Ach, laat ze maar. Ze hebben nu alle tijd.

Dag lieve pap, ga maar lekker met Bernard op jullie Twentse bankje zitten.

You Might Also Like...

No Comments

    Leave a Reply