En dan zit ik ineens thuis een afscheidswoord te schrijven.
Totaal onverwachts en volledig surreëel.
Ik hoor hier niet te zitten, ik hoor in Frankrijk te zijn.
Ik hoor vakantie te vieren, blij te zijn, van de rust en het land te genieten.
Mijn schoonvader hoort gewoon op zijn eigen plekje in het verzorgingstehuis te zitten…
Maar ik zit aan de keukentafel en probeer te bedenken wat ik moet schrijven.
Mijn lief loopt achter me langs en geeft me een knuffel.
‘Het lukt je wel. Dat weet ik gewoon. Jij weet het ook… toch?’
Ik knik, ik zucht en pak nog maar een kop koffie.
Natuurlijk lukt het me. Dat weet ik ook wel.
Maar het voelt zo vreemd. Zo onwaarschijnlijk. Alsof het niet echt is.
Anderhalve week geleden liepen we nog in Frankrijk, ons van niks bewust. Natuurlijk wisten we dat het niet zo goed ging met mijn schoonvader. Zijn dementie werd met de dag erger en de verwardheid zorgde voor onzekerheid en verdriet. Niet alleen bij hem, maar bij iedereen om hem heen.
Zijn lichaam mankeerde echter niks. Sterk, fit en echt nul medicijnen, zelfs niet voor bloeddruk of cholesterol.
Niet gek dus dat wij het telefoontje uit Nederland totaal niet zagen aankomen. Het ging slecht. Ontzettend slecht. Mijn schoonvader werd in slaap gebracht en zou morfine krijgen tegen de onrust en de pijn. Eigenlijk was het einde nabij…
Drie weken vakantie werden uiteindelijk tien dagen. Een tent opbreken hebben we nog nooit zo snel gedaan en voor we het wisten waren we onderweg naar huis. Daarna begon het op en neer rijden van Breda naar Twente
Tien dagen lang hebben we vanuit de auto de bloedrode zon zien ondergaan. Eerst vanuit Frankrijk naar huis, later tijdens alle ritjes vanuit Twente naar ons eigen Breda. Tien dagen lang was de auto onze picknicktafel, soms voor de lunch, soms voor een snel diner.
En nu worstel ik met de woorden. Ik schrijf ze op, veeg ze weer uit. Probeer het opnieuw. En dan vloeit het verhaal er in een kwartier tijd uit. Ik schaaf nog wat, herschrijf een paar zinnen. Mijn zwager belt om wat anekdotes te vertellen. Ook die probeer ik in mijn verhaal te weven. En dan is het klaar.
Afgelopen zaterdag namen we afscheid. Ik krijg het voor elkaar om helder te blijven. De zinnen rollen uit mijn mond. Pas bij de laatste paar regels begin ik te haperen. Het afscheid is nu echt nabij. Deze woorden zijn alleen voor hem, maar ik spreek ze hardop uit.
Lieve Bernard,
ik ga me voor mijn laatste woorden op glad ijs begeven.
Want ik ga iets zeggen waarvan jij vond dat het heel normaal Twents was en waarvan ik jarenlang maar moest aannemen dat ik begreep wat je ermee bedoelde.
Maar ik waag het erop.
Hoal’m strak, Bernard!
En waar je nu ook bent,
ik zal altijd jouw deerntje blijven.

4 Comments
Sandra
17 augustus 2026 at 8:34 amZo’n afscheid komt altijd onverwacht
Sterkte 🩷
Gwennie
17 augustus 2026 at 9:56 amAbsoluut! 🤍
Helena Linneweever-Priem
17 augustus 2026 at 8:45 amAch lieve Gwennie, ik miste je berichtjes en prachtige plaatjes al natuurlijk… in gedachten bij jullie geweest.
Wat een mooie woorden voor je schoonvader en ik denk – gezien het feit dat ik hier thuis zo af en toe ook een heel klein beetje Twents meekrijg – ik ze ook gewoon tegen jou mag zeggen nu lieve dame.. Dus bij deze: Hoal’m strak Gwennie want zeker weten, eens zijn deerntje, altijd zijn deerntje❤️
Gwennie
17 augustus 2026 at 9:55 amDankjewel! Lief 🤍